

Foto van Eline van Wieren door Tatjana Almuli
Toen Eline vorig jaar tijdens een etentje vertelde dat ze een boek aan het schrijven was, werd ik natuurlijk onwijs nieuwsgierig. Waar zou het over gaan? En hoe ging het schrijven? Ze liet nog weinig los, maar gelukkig was het vorige maand eindelijk zover: Popcorn donut kaassoufflé kwam uit!
Het is best spannend om een boek te lezen van een vriendin. Wat als ik het niet goed zou vinden..? Wat als ik de personages niet zou kunnen loskoppelen van de personen die ik ken? Gelukkig was van beide zaken geen sprake. Ik heb dit boek met zoveel plezier gelezen (en oké, soms ook met een brok in m’n keel). De tragikomische therapiesessies, Kato’s gesprekken met zichzelf en haar innerlijke kritische stem (die van mij heet trouwens Thea. En Thea moet soms echt even haar bek houden), de voorzichtig ontluikende liefde tussen Kato en Toby; het was allemaal heel herkenbaar. En hoe Eline over het lichaam schrijft en alles wat je er mee doet was iets wat ik nog niet eerder had gelezen (de seksscènes waren ook zo mooi en teder- het was tevens een verademing om niet weer een of ander vergezocht synoniem voor een geslachtsdeel voorbij te zien komen).
Voor de ene lezer zal dit een feel good roman zijn, over twee mensen die langzaam op elkaar verliefd worden. Voor de ander is het wellicht een confrontatie met hun vooroordelen over dikke mensen, en geeft het inzicht in hoe het moet zijn om dik te zijn in deze wereld. En voor de gelukkige is het dat allemaal, plus een verhaal waar ze zichzelf in kunnen herkennen. Ieder mens wil gezien, gehoord en geliefd worden. Ieder mens verlangt dat er écht naar ze gekeken wordt. Kato is dik, maar nog zóveel meer dan dat.
Na het omslaan van de laatste bladzijde wilde ik er zo graag over praten. Ik zat vol vragen. Toen ik aan deze review werkte kon ik niet goed de woorden vinden en toen had ik opeens een best goed idee (al zeg ik het zelf). Waarom stuurde ik Eline niet gewoon een mailtje? Ze had het de afgelopen weken erg druk met radio-optredens en lezingen, maar gelukkig had ze tussendoor tijd om mijn vragen te beantwoorden. Komen ze!

Ok, ten eerste wil ik het even hebben over de titel van je boek. Deze is op een originele manier zo pakkend! Heb je de titel zelf verzonnen of is dit gegaan in samenwerking met je editor? Wat is het verhaal achter de titel?
‘Ik schrijf eerste versies van scènes altijd met pen en papier. Toen ik al die handgeschreven versies in een Word document had gezet, gaf ik dat document als naam ‘Stroopkoek donut kaassoufflé’. Mijn hoofdpersonage Kato heeft regelmatig eetbuien, dus in het boek zitten ook veel opsommingen van etenswaren. Ik verzin later nog wel wat beters, dacht ik. Toen mijn redacteur vroeg of ik al ideeën had voor de titel, vertelde ik haar dat dit mijn werktitel was en zij was meteen enthousiast. Uiteindelijk hebben we dus alleen één snack aangepast.’
Het boek begint bij de dokter, waar Kato leert dat er een woord is voor waar ze mee worstelt: een eetbuistoornis. Ze wordt doorverwezen naar een centrum voor mensen met hetzelfde probleem als zij en gaat in groepstherapie. Die scènes hadden vaak iets tragikomisch (ik moest zo vaak lachen omdat het zó herkenbaar was) en Kato vraagt zich meerdere keren af waar ze nu weer is beland. Net als ik me na een paar sessies begin af te vragen of we nog de diepte in gaan met Kato, stelt zij zichzelf precies dezelfde vraag. Ok, ik ben nu hier [in groepstherapie] om een eetschema te volgen en oefeningen te doen en te praten over wat ik voel. Maar wat zit er onder? Waarom voel ik me zo en waarom vertoon ik dit gedrag om ermee om te kunnen gaan? Een duidelijk antwoord krijg je als lezer eigenlijk niet echt en ook Kato zelf lijkt te blijven zoeken. Heb je dit bewust zo opgeschreven?
‘Ja, daar heb ik bewust voor gekozen. Ik heb het gevoel dat mensen vaak denken dat als er iets met je aan de hand is, iets wat het leven ingewikkeld maakt, dat je dan gewoon hulp moet zoeken en dat het dan opgelost wordt. In de praktijk is dat niet zo simpel. Naast dat je echt geluk moet hebben met het treffen van goede therapeuten, kost het ook gewoon echt veel tijd om te doorgronden welke gedachten en patronen je leven hebben gemaakt tot wat het is. Met een beetje geluk kun je dan, als je jezelf beter begrijpt, leren om dingen anders te doen. Maar je gaat van therapie niet opeens een ander mens worden. En dat gebeurt al helemaal niet binnen twintig weken, de lengte van het therapietraject dat Kato volgt. Ik wilde graag laten zien hoe het is om struikelend, haperend en vol onwetendheid te Proberen (ja, met hoofdletter P). Want in dat Proberen ligt denk ik wel de sleutel. Kato krijgt in dit boek dan misschien niet de antwoorden en oplossingen waar ze op hoopt, maar er worden wel zaadjes gepland. Juist in het stuk van zaadjes planten is het zo belangrijk om jezelf steeds opnieuw bij elkaar te blijven rapen, ondanks dat het misschien lijkt alsof er nooit iets gaat veranderen. Het ongemak en ongelooflijk kwetsbare daarvan, dat wilde ik graag laten zien.’
“Juist in het stuk van zaadjes planten is het zo belangrijk om jezelf steeds opnieuw bij elkaar te blijven rapen, ondanks dat het misschien lijkt alsof er nooit iets gaat veranderen. Het ongemak en ongelooflijk kwetsbare daarvan, dat wilde ik graag laten zien.”
Je roert in deze roman veel onderwerpen aan. Dik zijn, mentale gezondheid, het lichaam, vriendschap, daten in de moderne wereld, de liefde… Toch voelt het niet alsof je een lijstje aftikt. De onderwerpen komen allemaal op een natuurlijke manier ter sprake via het verhaal over Kato. De Amerikaanse schrijfster Beverly Cleary zei: ‘If you don’t see the book you want on the shelves, write it.’ Ik heb het idee dat jij je door deze wens hebt laten motiveren. Klopt dit en zo ja, kun je hier wat meer over vertellen?
‘Absoluut! Ik heb de afgelopen jaren veel gezocht naar gelaagde dikke (hoofd)personages in literatuur en was iedere keer teleurgesteld als ze dan toch weer met een vetfobische blik naar de pagina gebracht werden. Het liefst wilde ik dus een dik personage maken waarbij de vorm van diens lichaam geen stuwende factor was in het verhaal, maar gewoon een gegeven. Dat is met dit boek niet helemaal gelukt, dik zijn en relatie met eten zijn toch de hoofdthema’s geworden in dit boek. Toch ben ik trots op wat ik gemaakt heb. Als ik terug in de tijd kon, zou ik dit boek aan de Eline van vijftien jaar geleden geven. Het zou haar enorm geholpen hebben om zichzelf beter te begrijpen en zich minder voor haarzelf te schamen.’
Kato kijkt vaak naar Gilmore Girls en irriteert zich nogal aan hun eetgedrag. Je gebruikt Rory en Lorelai, net zoals (de personages van) schrijfster Sally Rooney, om een punt te maken over de verbeelding van dunne vrouwen in populaire media (en daarmee indirect ook dikke vrouwen in populaire media). Zou je tips hebben voor Kato van media waar zij zichzelf wel in zou kunnen herkennen?
‘Een serie die ik Kato zou tippen is Somebody Somewhere, daarin zit een hoofdpersonage dat ook erg worstelt met hoe ruimte in te nemen. Een aflevering die ik zelf al een aantal keer heb gekeken en erg ontroerend vind is aflevering 6 van seizoen 3: twee dikke mensen die samen een heel voorzichtige eerste date beleven. Huilen, hoor.’
“Als ik terug in de tijd kon, zou ik dit boek aan de Eline van vijftien jaar geleden geven.“
De gevreesde vraag aan (voornamelijk) vrouwelijke schrijfsters moet ik toch ook even aan jou stellen: hoeveel van jezelf zit er in Kato? Hoe hebben je eigen levenservaringen je geholpen bij het opschrijven van Kato’s verhaal?
‘Ja, het zal niemand ontgaan zijn dat het figuur op de cover van mijn boek (een prachtig werk van Shona McAndrew) best op mij lijkt. Er valt natuurlijk heel veel te zeggen over de neiging die we hebben om er bij vrouwelijke kunstenaars vanuit te gaan dat het werk wat ze maken autobiografisch is. Laatst zag ik een filmpje waarin Allison Williams, Marnie uit Girls, vertelde dat iedereen er altijd vanuit ging dat de vrouwen in die serie gewoon situaties uit hun echte leven naspeelde en de mannen fictieve personages waren, dat zij ‘echt’ acteerde. Williams zei dat ze het maar als compliment zag, dat zij blijkbaar zo levensecht haar rol speelde. In Kato zit veel van mij en ik vind het ook helemaal niet erg om dat met de wereld te delen. Ik ben met liefde levend bewijs dat dikke mensen echte, gelaagde personen van vlees en bloed zijn. Tegelijkertijd heb ik ook zoveel aan Kato gekneed en geschaafd dat ze echt haar eigen persoon met eigen ervaringen is. Merk je dat ik het zelf ook moeilijk vind om deze vraag te beantwoorden? Om tot de kern te komen: ik heb zelf ook met een eetbuistoornis geworsteld en heb een leven vol ervaringen als dikke vrouw en zonder die ervaringen had ik dit boek niet kunnen schrijven.’
“Ik ben met liefde levend bewijs dat dikke mensen echte, gelaagde personen van vlees en bloed zijn.”
Popcorn donut kaassoufflé is je eerste roman. Hoe was het om het te schrijven? Vloog het uit je vingers of heb je ook lastige momenten gehad? (En zo ja, wat zorgde er dan voor dat je toch bleef schrijven?)
‘Ik ging tijdens het schrijven echt alle kanten op, haha. Ik heb veel gedacht: ik doe dit één keer en daarna nooit meer. Vooral omdat ik dacht: hoe ga ik ooit zoveel woorden op papier krijgen en dat ze dan samen ook nog een samenhangend verhaal vormen met een spanningsboog die ervoor zorgt dat je door blijft lezen? Het scheelt dat ik toch ook gewoon iemand ben die gevoelig is voor deadlines. Mijn twijfel aan mezelf bleek altijd kleiner dan mijn angst om niets te hebben om in te leveren bij mijn redacteur. Nu ‘Popcorn donut kaassoufflé’ af is en ik weet dat ik het dus kan, een heel boek schrijven, heb ik ongelooflijk veel zin om aan mijn tweede boek te beginnen. Het helpt toch om het hele proces gewoon een keer doorlopen te hebben. Nu weet ik beter wat ik kan verwachten, waar ik bij het tweede boek meer aandacht aan wil besteden… Toch een beetje zoals mensen die na de bevalling zeggen dat ze echt niet meer kinderen willen en dan na een jaar toch weer zwanger zijn.’
Was het schrijven van dit boek therapeutisch? Heeft het schrijven van Popcorn donut kaassoufflé je inzichten gegeven over jezelf?
‘Dit boek heeft me vooral weer extra doen inzien hoe belangrijk het is om jezelf gereflecteerd te zien in kunst of überhaupt de wereld om je heen. Sinds het boek in de wereld is, voel ik me de hele tijd een beetje naakt. Los van dat er veel van mezelf in Kato zit, is ook alles wat verzonnen is uit mijn brein gekomen. Iedere keer dat iemand zegt iets of veel van zichzelf te herkennen in Kato, denk ik: zie je wel, ik ben niet gek. Ik ben gewoon mens. In een wereld vol politiek waar ik ’s nachts flink van wakker kan liggen is dat een verzachtende gedachte. Er zijn geen regels voor menszijn. Er zijn überhaupt geen regels of kaders die voor een gouden sticker aan het einde van de rit zorgen. Wat mij betreft is de enige verplichting die we hebben in het leven aanwezig zijn en onszelf en de ander echt te leren zien.’
“Wat mij betreft is de enige verplichting die we hebben in het leven aanwezig zijn en onszelf en de ander echt te leren zien.”
Heb je nog tips voor beginnende schrijvers?
‘Los van alle dooddoeners over veel schrijven, dingen insturen naar literaire tijdschriften en (kots) niet opgeven: tijdens het schrijven van ‘Popcorn donut kaassoufflé’ heb ik leren haken en breien. Leren hoe de naalden vast te houden, hoe verschillende steken werken en steeds opnieuw weer stukken uithalen omdat ik een fout had gemaakt, heeft me heel erg geholpen om diezelfde lerende blik ook mee te nemen naar het schrijven. Ik kan het dus iedereen aanraden om een andere creatieve hobby ernaast te nemen, puur om dat proces van struikelend iets nieuws leren levendig te houden. En wie op zoek is naar taal en durf om over een ervaring te schrijven die maar weinig zichtbaar is in de wereld, of dat nu in fictieve of autobiografische vorm is, moet absoluut Body Work van Melissa Febos lezen.’
Je bent natuurlijk pas net klaar met Popcorn donut kaassoufflé, maar is er al nieuws over een tweede roman? Komt die er?
‘Ja, er komt een tweede boek! Of tenminste: ik sta ’s morgens onder de douche alweer enorm te fantaseren over een paar nieuwe personages. Misschien wel mijn favoriete deel van het proces: nog niets op papier en een wereld vol mogelijkheden in mijn hoofd.’
Ik heb na het lezen een speciaal plekje in mijn hart voor Kato en Toby. Gaan we ooit nog meer van ze horen, denk je?
‘Dat is zo fijn om te horen! Toen het boek af was ben ik ook een tijdje echt verdrietig geweest. Eerst vond ik dat altijd een beetje onzin als schrijvers dat zeiden, maar ik had zo intensief samengeleefd met Toby, Kato en Milena dat het toch als een afscheid voelde. Ik durf nu nog geen uitspraken te doen over of ik ooit weer over ze ga schrijven. Ik ben wel een enorme Elizabeth Strout fan. Haar boeken spelen zich allemaal in hetzelfde universum af. Het hoofdpersonage in het ene boek krijgt regelmatig een bijrol in het andere boek. Dat is iets waar ik ook graag mee wil experimenteren. Maar het moet ook niet gekunsteld worden. We gaan het zien!’

Inmiddels is er bekend geworden dat er een tweede druk komt van Popcorn donut kaassoufflé. Yes! Zo leuk, en verdiend. Heb jij het al gelezen? Ga je het lezen? Laat het me weten!
Over ‘Popcorn donut kaassoufflé‘ van Eline van Wieren
‘Kato is een jonge vrouw met een kat, een passie voor lezen en een onzichtbare woede in zich. Haar honger is groot en onstilbaar. Daar wil ze van af. Ze wil stoppen met het maken van boodschappenlijstjes vol troostvoer dat ze van de dwingende stem in haar hoofd allemaal op moet eten. Maar gaat de groepstherapie vol onzinnige oefeningen echt een oplossing bieden? En wat als een van haar groepsgenoten wel heel dichtbij komt? Mag je zomaar verliefd worden als je niet eens weet hoe je voor jezelf moet zorgen?’
Je koopt Popcorn donut kaassoufflé in je lokale boekhandel of online (ook verkrijgbaar als e-book).

Liefs! x
Geef een reactie